woensdag 17 juni 2015

Grenzen gezien!!! Au...

Het item grenzen... Ik heb er een haat-liefde verhouding mee. Maar wie niet. Er zijn honderden boeken te koop die gaan over grenzen. En dan vooral over grenzen aan kunnen/durven geven. Je éigen grens herkennen. Maar ook: hoe ga je met die grens van een ander om? Hoewel dat laatste minder in die boeken aan de orde komt, dan de eerste.
Hier wat voorbeelden van boeken:


Ik heb alleen de laatste van deze twee gelezen ('leef...'). Daarin word je leven vergeleken met een tuintje. En wordt er vanuit deze metafoor van alles uitgelegd: wat er mis kan gaan met je grond, over onkruid en over het hek dat je om je eigen tuin mag zetten. Een overzichtelijk en leesbaar boekje. Voor mij met mijn leestempo goed te doen.
















Vandaag kwam met Zucko het onderwerp grenzen weer uitgebreid aan bod. Er werd me een enorme spiegel voorgehouden. Door een 'simpele oefening' kwam het uitgebreid ter sprake.
Misschien kun je je de blog van vorige week nog herinneren (http://kwetsbaarheid.blogspot.nl/2015/06/bevriezen-en-grenzen.html). Ik gaf op een niet zo'n handige manier mijn grens aan Zucko aan. Het beest schrok zich het apelazarus. Mijn 'nee' was té groot. Het kwam té hard bij hem binnen. En het contact was verbroken.


En eigenlijk lijkt Zucko wel een beetje op mij. Want ook bij mij kan een 'nee' die té groot is, hard binnenkomen. Maar dan als reactie het contact verbreken (net als Zucko vorige week; gelukkig was hij het alláng vergeten, want vandaag was het lieve beest weer voor mij beschikbaar)... Dat kan ik niet . Sterker nog: er gebeurt met mij iets merkwaardigs. Ik probeer het uit te leggen. Want wat ik doe, kwam vandaag in die oefening naar voren.

Ik moest Zucko weer een brokje aanbieden, maar hij mocht het niet pakken. Net als vorige week.
Mijn 'nee' was vandaag precies goed. Hij hoorde mijn 'nee'. Schrok er niet van. En gehoorzaamde braaf. Hij respecteerde mijn 'grens'. Vervolgens stapte Zucko terug uit en ging bij de therapeute staan. Het brokje lag nog steeds tussen mijn benen. Hij stond veilig bij de therapeute, anderhalve meter van me vandaan. Máár in tegenstelling tot vorige week hield hij wel het contact. Hij keek in mijn richting. Ging liggen, maar hield wél mij (op die afstand) in de gaten. Voor Zucko was de grens duidelijk. Maar bij dat brokje blijven was te pijnlijk. Een brokje dat hij graag wilde hebben, maar niet kreeg. 
Hij wilde wel contact houden, maar dan niet zo pijnlijk dicht bij dat brokje. Hij ging op afstand en zocht veiligheid op bij iemand anders. Bij die veilige ander was het goed.

Ik kan nu twee dingen doen.
Ik kan Zucko's grens respecteren. En afwachten tot dat hij zélf weer contact gaat zoeken. Want daar kun je gerust van uit gaan. Het is goed zo. Hij mag die afstand hebben. Die heeft hij nodig. En al is er anderhalve meter afstand, er is tóch contact.
Maar wat doe ik in de praktijk van de 'mensen-wereld'? Iemand kan net als Zucko wel aan me blijven denken (op 100 km afstand bijvoorbeeld). Doordat ik in iemands gedachten kom. Ik voorbij kom op social media, etc. Er IS contact. Alleen op een andere manier dan ik voor ogen had. Maar... Ik heb geen vertrouwen dat iemand zélf weer het initiatief tot dichterbij-contact neemt. Simpelweg, omdat ik dat te weinig als levenservaring in mijn rugzak heb zitten. Ik kan niet op een ervaring leunen. Dus moet ik het met het abstracte doen... Dat ik abstract in iemands hoofd zit. En dat is verwarrend voor me. Dat abstracte. Ik wil dat contact concreet voelen/zien/ervaren. Dus... om het weer terug te koppelen naar Zucko. Ik zou hem achterna gaan met een brokje. Zucko wil afstand en loopt van me me weg. Ik loop hem weer na. Etc. Tot dat het hem zó benauwd dat ik continu Zucko's grens niet zie, dat hij denkt 'bekijk het maar'. En het contact is weg. Een breuk. Dat gebeurde vandaag gelukkig niet. Ik heb vandaag mogen ervaren dat er op die afstand contact was. Dat ik hem niet na hoefde te lopen. En dat hij inderdaad weer bij me kwam. Wát een intense ervaring en een boost voor vertrouwen. Het contact kan op initiatief van de ander herstelt worden, júist door het respecteren van die afstand.  

Dan draai ik het nu even om:
Stel dat ik Zucko was en die ander zei 'nee'. Ook voor mij zou het kijken naar dat brokje dan pijnlijk zijn. Te pijnlijk. Maar in plaats van die 'nee' te respecteren en op afstand te gaan (dekking zoekend bij een Ander), blijf ik (vanuit pijn en misschien ook wel schrik, omdat die 'nee' voor mij te hard klonk) proberen dat brokje te pakken. Ondertussen zie ik voor mijn neus dat anderen wel dat brokje krijgen, maar ik niet. Dus niet allen de 'nee' doet pijn, ook de 'ogenschijnlijke' onrechtvaardigheid. Waar Zucko naar zichzelf luistert en afstand neemt van de pijnlijke plek, blijf ik die pijnlijke plek juist opzoeken. Wederom, omdat ik niet het vertrouwen heb, dat als ik afstand neem, er júist herstel kan komen. Ik durf die afstand dus niet te nemen. Vanuit dat wantrouwen blijf ik naar die plek gaan.
Van de andere kant ben ik zó geschrokken van die harde 'nee', dat ik me nu wel héél erg bewust ben van mijn zwakke plek van mensen nalopen. Op iemands rug gaan zitten en de ander laten lopen, i.p.v. zelf lopen. Misschien ben ik nu zelfs geneigd om teveel afstand te nemen.
Nog een voorbeeld. Hélemaal aan het begin van de therapieën, vroeg ik eens aan de therapeute hoe zij het vond om met mij te werken. Ze antwoordde: 'daar geef ik nu geen antwoord op. Ik kom er later op terug, of niet'. Toen voelde ik: 'dit is een nee'. Hier ga ik over een grens, door me afhankelijk te maken van wat een ander er van vind om met mij te werken. Door haar korte, directe manier van antwoorden, hoorde ik alle harde 'nee-geluiden' in mijn hoofd en was ik me hiervan bewust. Haar antwoord was wel nodig voor die bewustwording. Het klonk niet hard. Maar ik heb er tot op de dag van vandaag ook niet meer naar durven én willen vragen. Ik respecteer haar grens. Als ze er wel op terug wil komen, merk ik dat vanzelf wel. 

Hoe nu verder? Ik heb ook een bruikbare tip meegekregen in het contact met anderen. Een middenweg in grenzen stellen (zonder dat de ander zich doodschrikt) en grenzen respecteren. Namelijk om de afspraak te maken dat er om en om contact is met mensen. De ene keer mijn initiatief. De andere keer het initiatief van de ander. Om de beurt aan de beurt om contact te zoeken. Daarmee leer ik wachten én vertrouwen. Want het kan 6 uur duren. Maar ook 6 dagen. Of de ander neemt pas contact op na 6 weken. Dan heeft de ander die ruimte nodig. En net als bij Zucko mag ik dan weten én vertrouwen dat er wel contact komt (en er sowieso is, maar dan op een andere manier). En dan ben ik weer aan de beurt. Dan merk ik vanzelf of het te snel voelt voor een ander of niet. 


Of ik in de praktijk wat aan die tip ga hebben, weet ik nog niet. Ik weet wel, dat het thema grenzen soms net zo'n warboel is, als op dit plaatje. Niet omdat ik het niet WIL begrijpen, maar omdat ik het met mijn autisme niet KAN begrijpen. Gelukkig heeft Zucko vandaag (opnieuw) voor een hoop uitleg gezorgd. Waardoor ik wel weer een stap kan maken richting gezondere relaties (hoop ik). Toch wel overduidelijk de pijn gevoeld van al die 'harde nee-momenten'. Als een soort van herbelevingen. Of ik al die brokjes voor me zag liggen, de geur rook, jaloezie voelde omdat anderen ze wel mochten proeven, etc.  Omdat er soms te weinig (goede) uitleg was bij die nee's. De nee overkwam me, zonder dat ik snapte waarom. De nee klonk bikkelhard. 
'De nee van de kinderen op het schoolplein. Omdat ze niet met me wilden spelen. In plaats van dat te respecteren ging ik ook hén nalopen. Kreeg vervolgens de opmerking van diezelfde kinderen: 'we hebben geen honing aan onze kont'. Waardoor het niet met me willen spelen blijvend werd. Al ik het vertrouwen had gehad, dat ze vandaag niet met me wilden spelen, maar morgen misschien wel, was ik misschien niet zo permanent buitengesloten. Dan had ik de ruimte van de ander gerespecteerd en het moment dat ik weer mee mocht doen was dan misschien vanzelf weer gekomen.' 
De nee van een voorbijganger in mijn leven. Ik zat op diens rug en liet diegene lopen, i.p.v. op eigen benen te lopen. Totdat er een 'nee' klonk. Ik ging diegene nalopen, omdat ik niet het vertrouwen had dat diegene wel weer contact zou zoeken, júist als ik de afstand respecteerde. Het blijven nalopen werd een breuk. Ik ben me wezenloos geschrokken van die grens. Vanuit die schrik ging ik júist die pijnlijke plek opzoeken. Telkens richting dat brokje dat ik niet meer mocht (en naar anderen zag gaan). Totdat ik mocht ontdekken dat afstand inderdaad beter is; in het vertrouwen dat er 'anders' contact is. Veilig op afstand. Veilig omdat ik bij een Ander ben.
Deze en andere herbelevingen spoelden er als tranen uit. Maar gelukkig was Zucko daar om me óók weer tot rust te brengen. Een intense dag.



Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen