donderdag 1 juni 2017

Geen genade - Recht gedaan worden

Eerder deze week keek ik naar een item van Nieuwsuur, waar het er over ging dat het vervolgen plegers van oerwoudgeluiden in stadions nog nauwelijks gebeurt.

Zie ook dit artikel erover en onderaan kun je het hele item van Nieuwsuur zien (video): http://nos.nl/nieuwsuur/artikel/2175287-vervolgen-van-oerwoudgeluiden-in-stadion-gebeurt-amper.html?title=vervolgen-van-oerwoudgeluiden-in-stadion-gebeurt-amper.

Dit is de gehele uitzending (6 minuten):


Ik werd er door geraakt.

Drie fragmenten ervan:








Biya zegt o.a.:

"Het gaat me niet om dat ik die persoon nu ook pijn ga doen, maar: als ik iets steel, dan word ik er voor gestraft. Hier is iets gebeurd wat wettelijk niet kan, dus moet dat ook gestraft worden".

Hoe menselijk. Je ziel is onrecht aangedaan en schreeuwt om recht. 


Een van de daders kreeg een boete van 600 euro voor belediging. Veroordeling van de dader is een bevestiging dat hij in zijn recht staat. Hij zegt letterlijk dat hij het fijn vindt. Dat voelt ook fijn. Als je ziel recht gedaan is.
Voor Biya is het vooral belangrijk dat er een veroordeling van de rechter was. "Het had ook gekund dat een rechter zegt: het is niet erg en je stelt je aan. Dan zou het me nog meer pijn doen."

Kan het ook anders?
Ik heb in leren zien dat je het anders kunt bekijken én ervaren. 
Als iemand je pijn doet, dan is dat op de eerste plaats die ander zijn (of haar, maar voor het gemak schrijf ik zijn) verantwoordelijkheid. Máár.... Het is MIJN verantwoordelijkheid of ik me pijn láát doen. Hoe ik er mee omga, is primair niet de verantwoording van die ander. Ik kan er mee omgaan zoals hier in de filmfragmenten. Dat is ook je primaire reactie. Zeker als kind, want dan heb je nog weinig andere tools. Maar ik kan ook zeggen dat er maar Eén iemand macht heeft over mijn leven en verder NIEMAND. Als ik die pijn van die ander toelaat binnen mijn grensgebied, dan geef ik die ander teveel macht in mijn levenstuin. 

1 Korinthiërs 4: 3 Maar hoe u of een menselijke instelling over mij oordeelt interesseert me niet, en hoe ik over mezelf oordeel telt evenmin. 4 Ik ben me weliswaar van geen kwaad bewust, maar dat betekent niet dat mij niets ten laste kan worden gelegd. Het is de ​Heer​ die over mij oordeelt. 

Wat God over me zegt. Dát is belangrijk. Naar Zijn fluisterende stem (die mij voortdurend liefdevol bevestigt) wil ik luisteren. 
Dat is een leerproces. Dat is ook een bewustwording dat een rechter niet meer hoeft te oordelen, maar dat ik het recht (waar mijn ziel dan zó naar snakt) in Zijn handen kan en mag leggen. 
Lees de vervolgverzen maar: 

5 Houd dus op te oordelen en wacht de tijd af dat de ​Heer​ komt, omdat hij het is die aan het licht zal brengen wat in het duister verborgen is en zal onthullen wat de mensen heimelijk beweegt. En dan zal God het zijn die ieder de lof geeft die hem toekomt.

Of in de Bijbel in Gewone taal:

3 Ik vind het totaal onbelangrijk hoe jullie of andere mensen mij beoordelen. Ik beoordeel mezelf ook niet. 4 Ik denk zelf dat ik goed bezig ben. Staat het dan al vast dat ik een goed mens ben? Nee, want het is de ​Heer​ die mij zal beoordelen.

5 Spreek dus geen oordeel over mij uit! Maar wacht op de dag dat de ​Heer​ terugkomt. Hij zal zijn dienaren beoordelen. Hij zal onze daden bekendmaken, en ook onze gedachten en bedoelingen die niemand kent. Hij zal alles beoordelen. Dan zal iedereen van God de eer krijgen die hij verdient.


Het is een totaal andere manier van denken. Maar het geeft wel rust dat je niet meer hoeft te strijden om recht. Hoewel je ziel kan blijven schreeuwen om recht. Als ik weer (oud) onrecht boven voel borrelen, dan schreeuw ik naar de Rechter: 'Pap doe recht!!! Hoe U dat doet maakt me niet uit. U weet wát recht is.' Inderdaad. Hij overziet ieders bedoelingen en gedachten. Die kan ik niet overzien. En een aardse rechter ook niet, hoe hard hij er ook voor gestudeerd heeft. 

Deze manier van omgaan met onrecht maakt je niet langer tot (weerloos) slachtoffer. Omdat je zelf de verantwoordelijkheid hebt hoe je met de pijn omgaat namelijk. Is het dan niet erg? Mag je dan geen pijn voelen? Zeker wel. De Hemelse Rechter erkent dat ook. Hij zegt 'kom maar bij Mij met je wonden, ze hoeven niet langer toegedekt te worden'. Hij zegt niet 'het is niet erg en je stelt je aan'. 
Maar je geeft het recht op vergelding in handen van Hem die je liefheeft (dat is vergeving). Dan wordt je schreeuwende ziel gehoord. 

Psalm 10: 14 Toch ziet u de pijn en het verdriet,
u merkt het op en weegt het in uw hand.
Op u vertrouwen weerloze mensen,
de wezen, u komt hun te hulp.


Of in de Bijbel in Gewone taal:

14 Maar u bent niet blind, God.
U ziet alle ellende en al het verdriet,
en u wilt altijd helpen.
U bent een steun voor mensen zonder macht,
u beschermt mensen voor wie niemand zorgt.

Hij ziet en overziet. En dat is soms maar goed ook. Want wij mensen maken er vaak maar een (voetbal)potje van... met ons geschreeuw om recht. Oerwoudgeluiden uit onze ziel.
Wij zijn nog zó geneigd om te denken in termen van straf en vergelding als reactie op gemaakte fouten. Van onrecht en (onmiddellijk) recht gedaan (moeten) worden.
Het recht uit handen geven is een tegengestelde manier van denken. Het voelt in eerste instantie onrechtvaardig, omdat er niet ingebeukt wordt op iemand die misstappen heeft begaan (en ook écht verantwoordelijk is voor dat gedrag). Maar hoe meer je het jezelf eigen maakt en er in oefent, hoe rustiger je - aanvankelijk schreeuwende - ziel wordt.  
Deze ontdekking gun ik Biya ook. En alle Biya's met hem. 

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen